‘Allochtoon ben je hier levenslang’

Als je de media en de politiek moet geloven is het erbarmelijk gesteld met de integratie van allochtone jongeren in Nederland. Antropoloog Roanne van Voorst ontdekte dat het best meevalt, en schetste een nieuw en genuanceerd beeld in haar boek Jullie zijn anders dan ons.

Roanne van Voorst (27) is journalist, antropoloog en als onderzoeker verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Ze schreef het boek Jullie zijn anders als ons. Jong allochtoon in Nederland, waarin ze nieuwe inzichten geeft in de diverse Nederlandse jeugdculturen, en de kenmerken en integratieproblemen beschrijft van de belangrijkste groepen allochtone jongeren.

Waarom dit boek?
‘Wat mij opviel en wat me ook wel een beetje stoorde, is dat het vooral autochtone mannen van middelbare leeftijd zijn die praten over het integratiedebat in Nederland. Ze hebben het over dé reljongeren uit Marokko, maar spreken niet zelf met ze. Ik wilde ze juist wél spreken, zij zijn immers de hoofdpersonen van het debat.’

‘Ik kwam rapporten tegen over allochtonen in Nederland waarin stond dat het eigenlijk helemaal niet zo slecht gaat met de integratie in ons land, die rapporten zijn veel genuanceerder dan het nieuws dat de media hierover brengen. Als wetenschapper voelde ik me gefrustreerd omdat ik dacht dat ik meer wist, er miste toegankelijke informatie over wat er soms fout loopt in Nederland met allochtone jongeren, en waarom.’

Zijn de kranten te negatief?
‘Er wordt heel ongenuanceerd over integratie en allochtonen gesproken in Nederland. Er wordt gedaan alsof het een cultureel probleem is. Zo van: Marokkaanse jongeren geven problemen en dat komt doordat dat in de Marokkaanse cultuur zit. In de sociologie noem je dat ‘culturalisme’. Kijk naar Wilders. Hij zegt dat we Marokkanen moeten straffen op de Marokkaanse manier. Dat we ze door de knieën moeten schieten bijvoorbeeld.’

‘Tegelijkertijd heb je ook een grote groep mensen die roept dat er helemaal geen problemen zijn, dat het allemaal vanzelf goedkomt. Alles wat je over allochtonen zegt is bijna discriminerend. Ik vind dat naïef; er zijn wel degelijk problemen met allochtonen, maar ik zeg dat dit niet voortkomt uit het feit dat zij Marokkaan of Antilliaan zijn.’

Het is dus een Nederlands probleem?
'Dat stelen krijgen ze echt niet mee vanuit hun vaderland. Dat wordt daar net zo goed niet getolereerd. De problemen ontstaan op straat. Het heeft dus vooral iets met de Nederlandse straatcultuur te maken. Daarbij is ons schoolsysteem gericht op autochtone jongeren. We leren kinderen zelfstandig denken en assertief te zijn. Kleine kinderen moeten het zeggen als ze het ergens niet mee eens zijn.'

'Voor bijvoorbeeld Antillianen en Surinamers is dit moeilijker. Ze komen uit een cultuur waarin je nooit een volwassene tegenspreekt. Je ziet vaak dat ze daar in Nederland moeite mee hebben en er dan soms in doorslaan. Om dat te voorkomen, is extra aandacht en begeleiding nodig.’

Aanpassen blijkt moeilijk?
‘Hier ben en blijf je allochtoon, je draagt het stempel levenslang. Het maakt niet uit of je haring eet en André Hazes luistert. Als een van je ouders uit het buitenland komt, ben je allochtoon. Je hoort er nooit echt helemaal bij en dat kan voor jongeren best pijnlijk zin. Op de ROC-scholen waar ik onderzoek deed, heerst onder moslims oprecht de angst dat ze het land worden uitgezet.'

'Ze voelen dat de houding van Nederlanders ten opzichte van hun hele etnische groep verandert en niet alleen ten opzichte van die drie jongens die staan te klooien op straat. Ze voelen zich vaak in een verdedigde rol gedrukt.'

Hoe vonden de jongeren het dat jij met ze ging praten?
‘Vooral leuk denk ik. Ze zagen dat ik ze wilde begrijpen. Tegelijkertijd wilde ik ook niet kritiekloos zijn. We hadden af en toe pittige discussies. Ik heb voor mijn boek 100 à 150 jongeren gesproken en tijdens die gesprekken botste ik ook tegen mijn eigen vooroordelen op. Zo werd ik door een groepje Chinese jongeren uitgenodigd om met hun familie te eten. Ik wist dat zij een paar restaurants hebben in Amsterdam en ik dacht dat we Chinees zouden gaan eten, maar ze namen me mee naar de Italiaan.’

Wat zijn de voornaamste problemen?
‘Over het algemeen presteren allochtone jongeren minder goed dan autochtone. Op school en werk bijvoorbeeld, en ze raken vaker op het criminele pad. Bij Marokkanen gaat het vaak om delicten als diefstal. Polen maken vooral verkeersovertredingen. Bij autochtonen gaat het vaker om wiet kweken en belastingfraude.’

‘Over het algemeen zie je dat Surinamers, Turken, Antillianen en Marokkanen hoger scoren in de criminaliteit dan autochtonen – maar het kromme is dat we allochtonen vaak vergelijken met de totale groep Nederlanders. Niet helemaal eerlijk, want criminaliteit hangt samen met het sociaaleconomische milieu, en allochtone jongeren komen vaker uit een lager sociaal milieu. Als je daarmee rekening houdt, dan vallen de statistieke verschillen tussen autochtoon en allochtoon bijna weg.’

Klopt het integratiedebat dat wij voeren dan wel?
'Er klopt helemaal niets van. We stellen verschillende eisen aan verschillende groepen. Chinezen bijvoorbeeld, die werken hard en doen het goed op school. Daar hebben we geen last van, ze hebben een eigen leven opgebouwd. Maar het is niet zo dat de Chinese bevolking goed geïntegreerd is.'

'Sterker nog, de meeste Chinezen van middelbare leeftijd spreken geen woord Nederlands en hebben geen contact met hun buren. Gek genoeg vinden we dat erger als het Turken betreft. Dan heeft iedereen het over de o zo gesloten Turkse gemeenschap.’

Is er veel onbegrip tussen Nederlanders en allochtonen?
‘Bij jongeren speelt dat wel een rol. Veel autochtonen snappen bijvoorbeeld niet waarom islamitische meisjes een hoofddoek dragen en denken vaak dat ze onderdrukt worden. Veel moslima’s vertelden mij dat het dragen van een hoofddoek ze juist vrij maakt.'

'Ze stellen hun ouders zo gerust. Ze laten zien dat ze goede moslims zijn en dat ze zich gedragen. Ouders laten ze hierdoor vrij in hun keuze om bijvoorbeeld naar de universiteit te gaan of naar de film – dus de hoofdoek maakt ze op een bepaalde manier juist zelfstandig.’

Wat zou volgens jou de oplossing zijn voor de integratieproblemen?
‘Ik heb geen eenduidige oplossing. Daar is de situatie te complex voor. Er zijn mensen die denken dat het probleem vanzelf overgaat. Ik geloof daar niet in. Integratie heeft niet zozeer te maken met een cultuur, maar met de rechten en plichten in een land.'

'Ik denk dat de problemen van verschillende kanten moeten worden aangepakt. Je moet niet op een softe manier met reljongeren gaan praten, je moet ze duidelijk wijzen op de regels. Heel belangrijk is dat je de integratieproblematiek niet linkt aan culturele etniciteit, want daar heeft het uiteindelijk niets mee te maken.’

Tekst - Elle cover
Tekst - Elle artikel 1